was verbonden aan dagblad Het Parool als kunstredacteur, hoofdredacteur en correspondent in Parijs. Hij publiceerde dichtbundels, een roman (Geen talent voor geluk, 1956), memoires (Achterwaarts, 1998) en biografieën van Albert Helman,Luigi Pirandello en Josepha Mendels. Hij vertaalde proza van o.a.Alain-Fournier,
Yves Berger, Monique Wittig, Pirandello, Cesare Pavese; toneelwerk van o.a. Molière, Giraudoux, Julien Green, Pirandello; en daarnaast veel buitenlandse poëzie. Ook verzorgde hij talrijke bloemlezingen en inleidingen. In 1939 vertaalde hij samen met Menno ter Braak Hitlers eigen woorden van Hermann Rauschning. De vertaling werd door de Nederlandse regering verboden; een proces tegen uitgever en vertalers wegens belediging van een bevriend staatshoofd, gepland op 10 mei 1940, ging niet door wegens oorlog door datzelfde bevriende staatshoofd. |



























