Essay
|
Lofzang op het leven van de geest
|
Citaat:
|
'Alleen de oogst van het intellect kan ons binnen het bereik van de onsterfelijkheid brengen. [...] Ons persoonlijke bestaan mag nog zoveel barsten vertonen, zelfs dodelijk besmet zijn, de soevereine straling van het denken en het scheppen, van het gedicht of de theorie, blijft intact.'
|
Samenvatting:
|
In vrijwel iedere mythologie zijn verhalen te vinden die de relatie tussen het vergaren van kennis en noodlottigheid aangeven. Kennis komt volgens zulke verhalen voort uit ongehoorzaamheid en onwettigheid. Toch is het najagen van kennis ook de bekrachtiging van menselijke voortreffelijkheid. Maar, zo zegt Steiner in een lofzang op het leven van de geest, we moeten ons er altijd terdege van bewust zijn dat het antwoord op onze vragen fout, ideologisch of gecorrumpeerd kan zijn, zoals de geschiedenis talloze gruwelijke keren heeft uitgewezen. We mogen ons dan ook nooit tevreden stellen met antwoorden die voorbijgaan aan dat onvatbare van de verschrikking en het kwaad.
|
Vertaling Hein Groen en Gijs Went
|



























