Geknipt voor u
|
13/09/2007
|
Univers
|
Onderwijs tegen de barbarij
|
13/09/2007
|
Univers
|
Onderwijs tegen de barbarij
|
![]() |
Onderwijs staat teveel in dienst van geld en politiek. Socioloog Shmuel Eisenstadt noemt dat het 'markt-fundamentalisme' van het onderwijs. Tijdens de Nexus-conferentie op 9 september pleitte hij voor 'beschavend onderwijs'.
Met klapperende oren wonen ruim negenhonderd bezoekers de Nexus-conferentie 2007 bij. Niet alleen vanwege de vele filosofische termen, die door de Amsterdamse Passenger Terminal langs het IJ vliegen. Bekende namen als Louise Fresco, Richard Dawkins, Michael Sandel, Ronald Plasterk en Azar Nafisi leveren een bijdrage. Maar vooral vanwege de verontrustende feiten, die boven komen drijven bij het zoeken naar antwoorden op de vraag What is an educated (wo)man? In het kader van het 80-jarig bestaan van de universiteit, heeft het Nexus Instituut, organisator van de uitverkochte conferentie, voor deze onderwijsvraag gekozen. En dat is - in een wereld waarin de tegenstellingen tussen rijk en arm steeds groter worden, de geletterdheid afneemt, en een duidelijke visie alleen nog bij fundamentalisten te vinden is - een gevoelig onderwerp. Ook in Nederland. Zoals een moeder van een 5-vwo scholiere uitroept: "Mijn dochter weet nog steeds niet wat de Verlichting is!" De filosoof Nietzsche wees 135 jaar geleden al op een slechte ontwikkeling binnen het moderne onderwijs. In plaats van de menselijke geest te beschaven, is het onderwijs steeds meer in dienst komen te staan van de politiek en de economie. Shmuel Eisenstadt (1923), de vooraanstaande socioloog van de Hebreeuwse Universiteit van Jeruzalem, noemt die tendens tijdens de door hem verzorgde keynote-lezing 'markt-fundamentalisme'. Dat is volgens hem het eerste van enkele grote problemen waarvoor het onderwijs zich heden ten dage ziet gesteld. Een ander probleem vindt hij de eenzijdige gerichtheid van het onderwijs op de kenniseconomie. Dat heeft tot gevolg dat de burger niet meer de vaardigheden leert om aan een democratie te kunnen deelnemen. Eisenstadt is de personificatie van an educated man. Dat blijkt ook uit zijn persoonlijke geschiedenis. Hij is in Polen geboren, groeide op binnen een joodse gemeenschap en vluchtte in 1935 naar Palestina. Deze achtergrond van de jodenvervolging maakt in één klap het belang van beschavend onderwijs duidelijk: opdat niet mensen, maar de barbarij wordt uitgeroeid. "Als twaalfjarige kwam ik in Tel Aviv terecht; een kleine wereldstad", vertelt Eisenstadt. "Ik raakte geïnteresseerd in de verschillende geschiedenissen, de verschillende beschavingen, die de mensen - veel joodse immigranten uit Duitsland en Oost-Europa - met zich meebrachten. In 1940 ging ik studeren, bij Martin Buber." Buber is een bekend godsdienstfilosoof en Eisenstadts voorganger op diens leerstoel. "Tijdens de eerste les liet hij ons de Dao De Jing, een taoïstische tekst, bestuderen. Ook moesten we de Antigone lezen, als literair én als sociaal politiek werk." Verder onderzoek volgde: joodse, christelijke, islamitische, hindoeïstische, boeddhistische en confucianistische teksten. "Het is een misvatting deze teksten als gesloten gehelen te begrijpen. Dat brengt alleen maar segregatie voort. Als onderwijzende systemen hechten ze juist veel waarde aan ontmoetingen, confrontaties, uitdagingen en uitwisselingen." Die focus op één thema is echter wat Eisenstadt in de wereld van vandaag treft. Experts op één gebied weten niet wat er zich buiten hun eigen domein afspeelt; de politieke expert, de marktexpert, de islamexpert: "We groeien nu naar een verabsolutering, een totalisering van de eigen sfeer toe. Uit die isolatie kunnen we ontsnappen door ook andere sferen te onderzoeken; de pluraliteit te benadrukken. Bijvoorbeeld door studenten economie kennis te laten maken met Don Quichot"; de magere grijsaard die zoveel ridderromans had gelezen, dat hij een kudde schapen voor een leger aanzag, en windmolens voor reuzen. Studenten zouden dus veel moeten lezen. Ook buiten hun eigen vakgebied. "Maar literatuur kost veel tijd", zegt de tweedejaars student filosofie Anson van Rooij (19). "Zelf lees ik niet zoveel. Want er zijn ook alternatieven voor boeken, zoals films of non-fictie." Studiegenoot Rutger Beijaard (24) heeft wel literaire werken in zijn kast staan. "Vooral boeken met een maatschappelijke inslag. Omdat je door fictie leert om je in andermans wereld te verplaatsen; je wordt emotioneel geraakt, en raakt zo bij iemand betrokken." Of ze de verderfelijke invloed van de markwerking op het onderwijs aan den lijve hebben ervaren? Beijaard: "Op de universiteit krijg ik toch vooral les van gepassioneerde mensen, mensen die echt liefde voor hun vak hebben. Nee dus." De derde studiegenoot Jaap Schlicher (19) vindt het in het tweede jaar van zijn studie nog te vroeg om daar een mening over te hebben. Maar over zijn middelbare schooltijd vertelt hij: "Het systeem stak zo in elkaar dat je niets uit hoefde te voeren. Het was niet motiverend. En het niveau had ook wel wat omhoog gemogen. Dat gaf me wel lekker de ruimte om puberaal rebels te zijn." Tijdens de aansluitende discussie met Eisenstadt schuift ook David Steiner (1958) aan. Hij is de zoon van de bekende filosoof George Steiner die drie maal eerder te gast was bij Nexus. David Steiner vertelt onder meer hoe zijn vader Grieks leerde van diens eigen vader. De jonge George Steiner moest een passage uit de Illias uit zijn hoofd leren. Enkele verzen - zo verzon zijn vader - waren onvertaald gebleven. George wilde hoe dan ook weten hoe het afliep met Lykaon en Achilles, en leerde daarom Grieks. In 1940 vluchtten de Oostenrijks-joodse Steiners naar New York. David Steiner is daar nu decaan van de School of Education van Hunter College aan de City University. Hij stond aan de wieg van onderwijshervormingen die studenten, door kennis van de klassieke traditie, een groter besef van democratische verantwoordelijkheid en ethisch bewustzijn bij willen brengen. Verontrustend - ook omdat Nederland het kleine broertje van de VS is - zijn zijn woorden: "De segregatie tussen de Afro-Amerikanen, de Hispanics en de blanken in Amerika, is nu erger dan in de jaren vijftig. Er is sprake van een economische apartheid. Goed onderwijs is er alleen voor degenen die het kunnen betalen." |




























